Verder naar bericht

Cusco

Na Arrequipa en de Colca Canyon is het weer tijd om verder te gaan. Op naar Cusco, de oude hoofdstad van de Inca’s.

Om half zes ’s ochtends werd ik door een taxi van Peru Hop opgehaald bij mijn hotel en daarna stapte ik op de bus naar Cusco. We vertrokken naar Juliaca waar de mensen die naar Puno gingen overstapten op een andere bus. Mensen die vanuit Puno naar Cusco wilden stapten bij ons in.

Omdat de bus maar half vol zat had ik twee stoelen voor mezelf. Heerlijk! Ik heb het grootste gedeelte van de rit liggen slapen.

Aankomst Cusco

Na 12 uur rijden kwamen we om 22 uur aan in Cusco. Ik had via Airbnb een kamer geboekt bij Fortunata en zij kwam me ophalen met de taxi.

Ik kende Fortu al een beetje want ik had maanden ervoor de Inca Trail geboekt via haar. Ze is enorm lief, bescheiden en helpt je overal mee. Ze spreekt weinig Engels maar dat was voor mij juist goed. Kon ik mooi mijn Spaans oefenen.

De kamer was lekker groot en het appartement lag op 20 minuten loopafstand van het centrum. Prima te doen.

Uitzicht vanuit het appartement

Kunst kopen in San Blas

De volgende dag ben ik meteen Cusco in gegaan. Eerste stop: San Blas.

Ik wilde naar het Coca Museum en stond net wat content op een poster te lezen toen iemand me aansprak. Het was een man die kunst verkocht. Schilderingen van alpaca’s, traditioneel geklede Peruviaanse vrouwen enzovoorts. Hij zei dat hij derdejaars student was aan de kunstacademie en zijn werk verkocht om rond te komen.

Meestal zeg ik meteen ‘nee’ en loop door als dit soort mensen op me af komt. Maar dit keer bleef ik staan. Er zat best mooi werk tussen. Maarja, zei ik, “ik reis met een backpack dus dat gaan allemaal kreukelen en stuk”. Daar had de man een oplossing voor “kijk ik heb kokertjes”.

Ik zag het niet zo zitten en wilde net het gesprek afkappen toen mijn oog op een bepaald kunstwerk viel. Een schildering van Pachamama (moeder van de aarde) en Pachapapa (vader van de hemel). Gemaakt met olieverf op lama huid. Prachtig vond ik het. Ik vroeg wat hij ervoor wilde hebben. Hij zei 180 soles (53 euro). Dat vond ik een beetje teveel. Ik bood 100 soles waarop hij 150 vroeg en we uitkwamen op 130.

Ik was vrij content met mijn aankoop maar later zag ik in de stad nog meer ‘kunstverkopers’ rondlopen. Ik vroeg af of ik wel iets origineels had gekocht en er niet teveel voor had betaald.

Ik besloot het te vragen aan een Free City Tour gids. Hij zei dat de kunstwerken origineel zijn en dat je 60% van de vraagprijs moet bieden. De uiteindelijk prijs die ik had betaald van 130 soles was volgens de City guide een goede prijs.

Een mooi kunstwerk gescoord dus voor een mooie prijs!

Coca Museum

Na mijn kunst aankoop bezocht ik het Coca Museum. Je leert er over de geschiedenis van de coca plant en wat deze nu, in de moderne tijd, nog voor betekenis heeft. Heel interessant en toegang kost maar 10 soles.

Wist je dat?

  • Coca al zo’n 5000 jaar voor Christus werd gebruikt door inheemse nomaden
  • Rond 1200 – 1475 werd Coca gebruikt door de Inca’s bij hersenoperaties
  • Coca als sinds 1984 wordt gebruikt bij het maken van Coca Cola
  • In 1859 voor het eerst cocaïne werd gemaakt van Coca door de duitser Alemán Niemann
  • In 1863 produceerde de Franse Angelo Mariana de eerste Coca wijn
  • In 1919 voor het eerst cocaïne gesnoven werd
  • In 2009 werd het eerste Coca museum geopend, in Cusco Peru

Legende van de Coca plant

Kuka was een vrouw met een groene huid, lang haar en zo mooi dat geen man haar kon weerstaan. Kuka gebruikte haar charmes en manipuleerde mannen om zo haar zin te krijgen. Toen de Opper Inca dit hoorde besloot hij dat ze geofferd moest worden, in stukken gehakt en begraven. Op de plekken waar ze werd begraven kwam een groene plant uit de grond die kracht gaf en pijn verlichtte. Om Kuka te eren besloot men de plant Coca te noemen.

De Coca plant

De Coca plant komt oorspronkelijk uit Zuid-Amerika (Peru, Bolivia en Colombia). Er zijn zo’n 487 soorten en de plant kan tot 6 meter hoog worden. De plant kan niet goed tegen de kou en groeit op plekken met een hoogte van 600 tot 2000 meter.

Machu Picchu en Coca

Machu Picchu wordt gezien als een wereldwonder. Men denkt dat het 20 jaar geduurd heeft voordat het bouwwerk af was en dat er zo’n 20.000 mensen aan hebben gewerkt.

Voor de werkers waren Coca en Chicha (bier gemaakt van mais) heel belangrijk. Door Coca bladeren te kauwen krijg je energie en het onderdrukt het honger en dorst gevoel. Men denkt dat er tijdens de bouw van Machu Picchu zo’n 360.000 kilo Coca bladeren zijn gekauwd en 10.000.000 liter Chicha is gedronken.

Chaccar

Hierbij kauw je de Coca bladeren en maak je een bal in je linker- of rechterwang. Het doel is om zoveel mogelijk vocht uit de bladeren te krijgen. Het beste resultaat krijg je door de Coca samen met limoen te kauwen. De bal hou je zo’n 40 minuten in je mond en daarna spuug je het uit.

Coca plant en hersens

In de tijd van de Inca’s en daarvoor deed men aan schedel vervorming. Bij jonge kinderen werden latjes tegen het hoofd gebonden met verband om zo een langere schedel te creëren. Op het hoofd werd een crème gesmeerd van coca en andere planten om de huid zacht te maken.

Ook deed men in Paracas aan schedelboring. Er werd een gat in de schedel gemaakt om hoofdpijn te verlichten of infecties te bestrijden. Coca bladeren werden gebruikt als locale verdoving. Ik heb in verschillende museums in Peru schedels met gaten erin gezien. Blijkbaar werkte het wel want in veel gevallen zijn schedels gevonden met nieuwe botgroei.

Coca Cola

Coca Cola is zo’n beetje de populairste frisdrank ter wereld. In 1886 werd het drankje geproduceerd door John Pemberton. In eerste instantie werd het op de markt gebracht als medicijn. Later pas werd het gebruikt om de dorst te lessen.

Mijn vader zei vroeger wel eens (als ik pijn had in mijn buik) “neem maar een glaasje Cola, daar zit zoveel troep in daar gaat die bacterie in je buik zeker dood van”.

Coca Cola & Inca Kola

In Lima hoorde ik van mijn taxi chauffeur dat Coca Cola in elk land zo’n 60% van de markt in handen wil hebben. Dat lukte alleen niet in Peru. Want in Peru hebben ze Inca Kola wat super populair is onder de bevolking. Het is een geel drankje wat een beetje smaakt naar Fernandez. Maar dan minder zoet. Ik moet zeggen ik ben ook fan.

Anyways het lukte Coca Cola dus niet om de markt in Peru over te nemen. Dus wat deden ze? Ze kochten het bedrijf op. En nu is Inca Kola dus ook van Coca Cola.

Cocaïne

Naast informatie over Coca wordt er ook aandacht besteed aan het andere product: cocaïne. Hoe dat product werd verheerlijkt in de jaren 70 en 80. Zo’n beetje iedereen spoot of snoof toen cocaïne en iedereen vond het normaal. Zie ook films als Scarface.

En vervolgens de negatieve effecten ervan: beroemdheden die overleden zijn aan een overdosis. Er hangt ook een gedicht van Freddy Mercury. Door het nummer ‘Too much love will kill you”van Brian May dacht ik altijd dat Mercury was overleden door onveilige seks. Maar in het gedicht lijkt hij te zeggen dat het kwam door cocaïne, aka het gebruiken van een vieze naald. Of het delen van een naald.

Misschien moet ik de nieuwe biografie ‘Bohemian Rhapsody’ maar eens lezen.

Stappenplan hoe maak je cocaine

San Blas kerk

Tegenover het Coca Museum vind je de San Blas kerk. Voor 10 soles mag je naar binnen. Maar eenmaal binnen valt er niet zo heel veel te zien en je mag nergens foto’s of video’s van maken. Binnen tien minuten stond ik weer buiten.

San Blas uitzicht over de stad

Dan maar het buurtje San Blas verkennen. Volgens de kunstenaar waar ik eerder wat van kocht kon je naar boven lopen. Vanaf daar zou je dan mooi kunnen uitkijken over de stad. Hij had gelijk. Prachtig om te zien. Het deed me een heel klein beetje denken aan Rome.

Museo Arzobispal

Op weg naar Plaze de Armas kwam ik langs het Museo Arzobispal. Ofwel het museum van de aartsbisschop. Om heel eerlijk te zijn vond ik het een beetje tegenvallen. Het is heel klein, er hangen allemaal religieuze schilderijen waarvan je er al 100 duizend hebt gezien en je mag wederom nergens foto’s van maken. En daar betaal je dan 15 soles voor. Het enige dat ik de moeite waard vond was een expositie van weef werken. De weefmachine stond er ook en het leek erop alsof de kunstenaar erop bezig was.

Plaza de Armas

Net als alle andere steden end dorpen in Peru heeft ook Cusco een Plaza de Armas, ofwel een hoofdplein. Dit plein was ooit het Huakaypata ofwel ‘The Great Inca Square’. Maar na de verovering van de Spanjaarden is een hoop van de Inca’s verloren gegaan. Alleen sommige muren hebben het overleefd.

Om het plein heen vind je twee kerken, de Kathedraal van Cusco en de Iglesia de la Compania de Jesús, een hoop winkels en restaurants. Het lijkt er altijd druk te zijn, ook ’s avonds.

Ik was er met Halloween en dan overstroomt het plein met verklede kinderen en volwassenen. Leuk om een keertje mee te maken maar wel enorm chaotisch.

Halloween in Peru

Kathedraal van Cusco

Aan het Plaza de Armas vind je de kathedraal van Cusco die sinds 1983 op de UNESCO werelderfgoedlijst staat. Het is een prachtige kathedraal (ik kan het niet laten zien want je mag in Cusco nergens foto’s van maken) maar wel met een nasty geschiedenis.

Op de plek waar nu de kathedraal staat stond namelijk honderden jaren geleden een Inca tempel: Kiswarkancha. De stad heette toen ook nog geen Cusco maar Qusqu.

En toen kwamen de Spanjaarden. Zo’n 26 jaar na de verovering besloten ze de tempel te slopen er er een kathedraal neer te zetten. De Inca’s moesten de kathedraal bouwen met stenen van het nabijgelegen Sacsayhuamán (een heilig Inca bouwwerk op de heuvels van Cusco).

Men begon met bouwen in 1559 en zo’n 95 jaar later was de kathedraal af.

Het doel was om het Inca geloof uit te bannen en te vervangen door het Katholicisme. Nou dat is ze wel gelukt want als je nu in Peru rondkijkt dan overheerst het katholieke geloof.

Tip: mocht je de kathedraal en andere kerken willen bezoeken in Cusco, koop dan een combikaart. Een los kaartje voor de kathedraal van Cusco kost 25 soles. Maar voor 5 soles meer krijg je toegang tot nog twee andere kerken die los iets van 10 soles kosten.

Ik was een beetje in dromenland die dag en kocht overal losse kaartjes voor waardoor ik zeker 30 tot 50 soles meer heb betaald.

Iglesia de Compania de Jesús

Net als de kathedraal van Cusco werd deze kerk gebouwd op restanten van een Inca bouwwerk. Namelijk het Amarucancha, paleis van de Inca heerser Huayna Cápac.

In 1571 begon men met de bouw van de kerk. Door een aardbeving raakte deze in 1650 zwaar beschadigd en moest opnieuw opgebouwd worden. In 1668 werd de kerk opgeleverd.

De kerk ziet er vanbuiten en vanbinnen imposant uit. Helaas mag je ook hier weer nergens foto’s van maken. Behalve van het uitzicht op het Plaza de Armas.

Qorikancha

Qorikancha is tegenwoordig een kerk maar was vroeger, je raad het al, een Inca tempel. Deze tempel heette oorspronkelijk Inti Kancha (tempel van de zon) en was gewijd Inti, god van de zon. Inti Kancha was de belangrijkste tempel van het Incarijk.

Volgens een beschrijving, gevonden in Spaanse verslagen, waren de muren en vloeren ooit bedekt met goud. De tempel zou gevuld zijn met gouden beelden en andere schatten. Deze werden tijdens de verovering allemaal ingenomen door de Spanjaarden.

Onderdeel van Qorikancha is de Santa Domingo kerk. Deze werd gebouwd op de plek van de oude Inca tempel én met materialen van de tempel. Het enige wat nog overgebleven is uit de Inca periode zijn een paar muren.

Je kunt de Santa Domingo kerk gratis bezoeken. Als je naar boven wilt, en Qorikancha wilt bezoeken dan betaal je 15 soles.

Sacsayhuaman

Als je niet veel tijd hebt in Cusco maar wel Inca ruines wilt zien dan is Sacsayhuaman een goede optie. Wat het precies moet voorstellen weet men niet. Er zijn echter aanwijzingen dat het een soort tempel geweest moet zijn. In 1982 werden namelijk graven gevonden van een aantal priesters. Vermoeden is dat Sacsayhuaman een tempel was ter verering van Inti, de zonnegod.

Hoewel er nog genoeg te zien is, is Sacsayhuaman helaas verre van compleet. Na de verovering door de Spanjaarden werden stenen weggenomen om huizen en kerken mee te bouwen (deed me denken aan Rome). Zelfs tot in de jaren 30 konden er stenen van deze Inca tempel gekocht worden om woningen mee te bouwen. Te gek voor woorden.

Aliëns

De Inca’s lieten de stenen van hun bouwwerken perfect op elkaar aansluiten. Dat zie je doordat er, zelfs nu, geen onkruid tussen groeit. Waarschijnlijk hakten ze de vormen van de stenen die tegen elkaar kwamen te liggen zó precies uit dat ze perfect in elkaar kwamen te liggen. Omdat sommige stenen zo’n 70 ton wegen geloofden de Spanjaarden niet dat de Inca’s Sacsayhuaman zelf hadden gebouwd. Ze dachten dat het het werk was van geesten of demonen. En zelfs nu nog zijn er mensen die niet geloven dat het bouwwerk door mensen gemaakt is. Door wie dan wel? Aliëns misschien?

Dichtbij maar wel prijzig

Sacsayhuaman ligt in de heuvels van Cusco en kan vanuit de stad makkelijk bereikt worden. Naja, makkelijk. Je moet best wel wat trappen omhoog lopen en dat is redelijk vermoeiend. Een goede conditie is dus wel een beetje gewenst.

Voor een kaartje betaal je 70 soles, zo’n 20 euro. Best wel duur voor wat er te zien is. Máár je kunt met dat kaartje nog drie andere ruïnes bezoeken zoals Q’ENQO, Puka Pukara en Tambomachay. Deze liggen allemaal in de buurt van Cusco en kun je bereiken via taxi of (waarschijnlijk) een collectivo.

Het is wel handig om dan te kiezen voor een 2-dagen kaart. Of je nou kiest voor 1 dag of 2 dagen, het kost allebei 70 soles. Ik deed dit natuurlijk weer niet waardoor ik eigenlijk geld heb weggegooid (alweer). Ik bezocht Sacsayhuaman in de middag en had dus geen tijd meer om de andere drie ruïnes te bekijken.

Bovenop de heuvel staat Christo. Het verhaal gaat dat het beeld is gedoneerd door de Palestijnen als dank dat ze als vluchteling terecht konden in Peru. 

Monestario de Santa Catherina de Siena

Het klooster van Santa Catherina de Siena werd in 1601 opgericht in Arequipa. Door frequente aardbevingen werd besloten dat het beter was om te verhuizen naar Cusco.

In de Inca periode was het klooster een Aqllawasi. Er woonden Aqllas, mooie vrouwen afkomstig uit edele families. Deze vrouwen mochten geen contact hebben met mannen en waren ‘getrouwd’ met de zon. Hun voornaamste bezigheden bestond uit kleding maken voor het hof der Inka’s.

Het verschil tussen de Inka Aqllas en de nonnen is niet zo groot. Waarschijnlijk is daarom ook gekozen voor deze locatie als klooster.

Tegenwoordig wonen er nog zo’n 13 nonnen in het klooster en een groot deel is daarom niet toegankelijk. Toch is het wel interessant om erheen te gaan. Toegang kost maar 8 soles dus daarvoor hoef je het niet te laten.

Museo Inca

In het museo Inca vind je allemaal voorwerpen die zijn gevonden uit de Inca en pre-Inca tijd. Ik vond er persoonlijk niet zoveel aan omdat ik al naar het Larco ben geweest in Lima. Het Museo Inca kon mij niets nieuws vertellen. Ook mag je weer nergens foto’s van maken. Beetje saai.

Alpaca trui kopen in Cusco?

Kun je Peru verlaten zonder iets van alpaca te hebben gekocht? Jazeker, want de meeste producten die hier verkocht worden zijn helemaal niet gemaakt van alpaca. Voor tien euro koop je een synthetische trui, muts of sokken gemaakt in een fabriek in La Paz.

Wil je echt iets van alpaca scoren? Dan moet je weten waar je op moet letten. Alpaca schijnt koud aan te voelen als je het aanraakt. Verder jeuken producten van alpaca niet. En voor een trui van baby alpaca (het beste van het beste) betaal je niet minder dan 80 euro.

Alpaca is een kwaliteitsproduct en daar is de prijs ook naar. Dus, wordt je een trui voor 10 euro aangeboden? Ga er dan maar niet van uit deze van alpaca wol is gemaakt.

Voor mij in ieder geval geen alpaca trui. Te duur en te weinig ruimte in de backpack. Ik hou het wel op magneetjes of iets anders kleins.

Dit vind ik nou leuk. Maar helaas, ook dit past niet in de backpack…

Laat als eerste een reactie achter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.